trefwoord
De kunst van ja zeggen
Ja zeggen lijkt eenvoudig, maar is in de praktijk vaak ingewikkeld. Wanneer zeg je ja tegen een ander, en wanneer moet je vooral ja zeggen tegen jezelf? En wat is het verschil tussen een volmondig ja en een halfslachtig ja-maar? Deze vragen raken aan de kern van hoe we in het leven staan: accepterend of weerstandig, open of gesloten, authentiek of aangepast.
Het bewust kiezen voor een positieve houding tegenover mogelijkheden en situaties vraagt meer dan een simpel woord. Het vraagt om zelfinzicht, moed en soms ook om het vermogen nee te zeggen. Want wie altijd ja zegt tegen anderen, zegt vaak nee tegen zichzelf.
Boek bekijken
Wanneer ja zeggen kracht geeft
Ja zeggen krijgt zijn kracht wanneer het voortkomt uit eigen waarden en overtuigingen. Berthold Gunster beschrijft in Ja - Omdenken als levenshouding hoe acceptatie van wat is, de eerste stap vormt naar het creëren van nieuwe mogelijkheden. In plaats van te verzetten tegen problemen, kies je ervoor ze te omarmen als startpunt.
Deze houding staat lijnrecht tegenover de reflexmatige ja-maar reactie waarmee we problemen vaak benaderen. Bij ja-maar blijf je steken in het probleem. Bij een oprecht ja verschuift je perspectief naar oplossingen.
Volmondig ja versus halfslachtig ja-maar
Er bestaat een fundamenteel verschil tussen volmondig ja zeggen en halfslachtig ja-maar mompelen. Het eerste getuigt van daadkracht en commitment, het tweede van twijfel en gebrek aan overtuiging. Wie halfslachtig ja zegt, geeft eigenlijk al aan niet volledig achter een beslissing te staan.
Dit onderscheid heeft directe gevolgen voor resultaten. Volmondig ja zeggen creëert energie en focus. Je gaat er volledig voor, zonder mentale reserves of escape routes. Halfslachtig ja-maar kost energie en leidt zelden tot optimale resultaten.
Boek bekijken
Acceptatie als diepste vorm van ja zeggen
De meest radicale vorm van ja zeggen is acceptatie van wat is. Niet als berusting, maar als bewuste keuze om de werkelijkheid te erkennen, inclusief het moeilijke en pijnlijke. Deze vorm van acceptatie vraagt om innerlijke kracht en zelfinzicht.
Het gaat daarbij niet om het goedpraten van misstanden of het ontkennen van pijn. Integendeel: echte acceptatie ontstaat pas wanneer je volledig erkent wat er speelt. Pas dan kun je bepalen hoe je ermee verder wilt.
Spotlight: Els van Steijn
Boek bekijken
Grenzen stellen hoort bij ja zeggen
Wie leert ja te zeggen tegen zichzelf, moet ook nee kunnen zeggen tegen anderen. Deze twee vaardigheden zijn onlosmakelijk met elkaar verbonden. Zonder grenzen wordt ja zeggen al snel pleasen: je stemt in met wat anderen willen, in plaats van te kiezen voor wat bij jou past.
Grenzen stellen is daarom geen tegenstelling van ja zeggen, maar juist een voorwaarde. Door duidelijk te zijn over waar je nee tegen zegt, kun je volmondig ja zeggen tegen wat echt belangrijk voor je is.
Ja zeggen leren vanaf jonge leeftijd
De basis voor gezond ja zeggen wordt al in de jeugd gelegd. Kinderen die leren wanneer ze ja kunnen zeggen en wanneer nee, ontwikkelen een steviger fundament voor later. Ze leren dat instemming een actieve keuze is, geen automatisme.
Voor kinderen is het belangrijk om te ontdekken dat er verschillende manieren en woorden voor ja bestaan. Ze leren dat ja zeggen bij sommige dingen hoort, maar dat het ook oké is om nee te zeggen wanneer iets niet klopt.
Boek bekijken
Als het waait bouwen sommige mensen windschermen, anderen bouwen windmolens. Ja zeggen tegen de wind maakt het verschil. Uit: Ja - Omdenken als levenshouding
Van ja-maar naar ja-en
De verschuiving van ja-maar naar ja-en is meer dan een taalkundige truc. Het vertegenwoordigt een fundamenteel andere manier van denken. Waar ja-maar vasthoudt aan het probleem, gaat ja-en op zoek naar mogelijkheden binnen het probleem.
Deze omdenktechniek vraagt om oefening. Onze eerste reflex bij tegenslag is vaak verzet. We willen het probleem weg hebben, ontkennen of minimaliseren. Gunster laat in zijn werk zien dat acceptatie (ja) gevolgd door transformatie (en) een veel krachtiger strategie is.
Boek bekijken
De fontein, vind je plek Het afdaalproces naar je kern vereist dat je ja zegt tegen álle aspecten van je leven – niet alleen het aangename. Deze acceptatie is geen zwakte maar de basis voor echte verandering.
De praktijk van bewust ja zeggen
Bewust ja zeggen is een vaardigheid die je ontwikkelt door oefening. Het begint met het herkennen van momenten waarop je automatisch ja of nee zegt, zonder bewuste keuze. Vervolgens leer je stilstaan bij de vraag: is dit echt wat ik wil?
Deze bewustwording heeft consequenties. Mensen om je heen zijn gewend aan je gebruikelijke antwoorden. Wanneer je anders gaat reageren, kan dat weerstand oproepen. Juist dan blijkt hoe belangrijk het is om trouw te blijven aan je eigen keuzes, ook als anderen daar iets van vinden.
Ja zeggen als levenshouding betekent niet dat je overal enthousiast mee instemt. Het betekent dat je bewust kiest wanneer je ja zegt, wanneer nee, en dat je beide keuzes volledig draagt. Deze authenticiteit geeft kracht en ruimte – voor jezelf én voor anderen.